Agressie in het park

mei 2010
Tijdens het hardlopen vanmorgen, hoorde en zag ik schuin voor me in de bosjes opeens een hoop herrie en gedoe. Ruzie. Dichterbij gekomen zag ik wíe er ruzie hadden: een Vlaamse gaai en een ekster. Het ging er heftig aan toe, en indrukwekkend als het eruit zag, ben ik op de plaats joggend mooi even blijven kijken.

Opeens kwam er van achter me een kraai aangevlogen. In de bosjes nam hij plaats op een tak om óók rustig toe te kijken hoe de andere twee vol de strijd met elkaar aangingen. Goh, dacht ik. Dus ook in het rijk der vogels bestaan er ramptoeristen!

Kerels met haantjesgedrag
Een heel stuk verder in het park was het weer raak. Ruzie. Dit keer ging het er nóg heftiger aan toe en was het ergens ook wel enorm lachwekkend.
Aan de waterkant hier in het park, zijn er altijd wel een paar nijlganzen te vinden: mooie vogels. Dit keer stonden er drie, waarvan er twee met elkaar in gevecht waren. De een met z’n kop(!) in de bek van de ander, waarbij ze beiden met volle kracht tegen elkaar aanduwden en flink met hun vleugels aan het wapperen waren. Machtig gezicht! Ik neem aan dat het twee mannetjes waren.

Two men and a lady
De derde gans – dat zal dan wel de dame geweest zijn – stond erbij en keer ernaar, luid roepend: “Houd op, houd op, jóngens houd nou toch op!” (dit maakte ík er in mijn fantasie in ieder geval van). Uiteraard hielden de jongens niet op, maar duikelden in plaats daarvan het water in. Ik kon ze niet meer zien vanaf de plek waar ik stond, maar zag wel flink veel gespetter uit het water komen. En mevrouw gans? Zij stond over de rand gebogen: “Oh jongens stop nou, alsjeblieft stóp ermee!”

Helemaal in de ban van het tafereel dat zich voor mij afspeelde, vroeg ik mij nog maar eens af waarom ik dit soort dingen altijd tijdens het hardlopen meemaak, wanneer ik géén camera bij de hand heb…

Prompt schoten de twee vechtersbazen vanuit het water de lucht in, en ja, mevrouw gans vloog er driftig gakkend achteraan. Weg waren ze. Alle drie.

Lachend – en best wel onder de indruk – vervolgde ik mijn training.
Jemig, wat een heftige ochtend.